Het groene Fa-paviljoen is het restaurant van het park. Wat is uw visie op eten als kunstenaar? Hahaha, u vraagt mijn visie op eten als kunstenaar. Nou, laat me u dit vertellen: ik ben altijd een kunstenaar, ook als ik slaap. Koken is voor mij ook een vorm van kunst voor mij: de ingrediënten mengen tot een prachtige smaak, de maaltijd tot een feest voor het oog maken, zodat die nog meer onze eetlust opwekt. Ik hou van lekker eten en ik hou van koken voor mezelf en anderen. Het is een genoegen om mijn maaltijden met goed gezelschap te delen. Samen eten is elkaar ontmoeten door het delen van voedsel, te praten, te luisteren en een goede tijd te hebben.

-Kunt u iets vertellen over de restaurantmuur die gevuld is met schilderijen van allerlei soorten fruit? Zeker. Al vanaf het begin wist ik, dat het werk in het restaurant een relatie had met eten. Maar ik had geen idee hoe precies. Tot ik op een avond, toen ik een salade maakte werd getroffen door de schoonheid van een doorgesneden tomaat. Het was zo fijnzinnig van kleur en vorm, zo mooi symmetrisch en tegelijkertijd zo verfrissend niet-te-perfect. Ik zag een verzameling van kleine schilderijen voor me van soorten fruit uit de hele wereld, die net als mijn tomaat doormidden gesneden waren. Ik wist ook meteen de techniek die ik zou gebruiken: schilderen op glas. Het is een erg speelse en verrassende techniek, omdat je niet ziet wat je hebt geschilderd tot je het glas omgedraaid hebt en naar de andere kant kijkt. Meteen wist ik, dat dit het kindergedeelte van het restaurant zou worden, een plek waar ze kunnen tekenen en spelen.

-Er is ook een muur met grote schilderijen van de vier seizoenen. Wat betekenen de seizoenen voor u als persoon? We hebben een tuin, een grote tuin waar we bloemen, groenten en fruit telen. Door onze tuin ben ik mij zeer bewust geworden van de seizoenen. Elk seizoen heeft zijn speciale kwaliteiten om van te genieten. In de lente bijvoorbeeld, geniet ik van het verschijnen van de knoppen in de bomen en verse groene spruiten, van het prille groen van jonge gewassen in de donkere grond. De zomer is het genot van bloemen, de intensiteit van groen gekleurde bladeren. In de zomer geniet ik van de schaduw van de wijnstok, van de bijen en vlinders en van onze vers gekweekte groenten. De zomer toont me de overvloed van de natuur en haar vrijgevigheid. In de herfst worden door ons pompoenen en zaden geoogst, ik zie het blad van de bomen in goud veranderen. Het is de tijd van de mist, die de tuin mysterieus maakt en alle kleuren verzacht. In de herfst wordt mijn gezicht opgewarmd in de laatste zon. De winter is de tijd van stilte in de tuin. Er lijkt niets te gebeuren. We maken plannen voor de volgende lente, wanneer alles weer tot leven komt. Onze tuin maakt me bewust van het ritme van de natuur, waarin elk seizoen in het volgende evolueert, elk met zijn eigen speciale schoonheid. Alles verandert voortdurend. En toch is er een enorme onderliggende orde in dit alles.